Het is 6 januari 2015. Ik ben 39 weken zwanger en samen met mijn man Richard rij ik naar huis na een afspraak bij de verloskundige. Alles zag er goed uit maar omdat de baby nog niet ingedaald ligt krijgen we wel wat instructies mee voor het geval de vliezen zouden breken. (Plat gaan liggen, meteen bellen.) “Ik zou het echt niet tof vinden als dat thuis gebeurt.” zucht Richard. En hoewel ik er hetzelfde over denk maak ik me niet zo druk. Een bevalling begint zelden met gebroken vliezen. Zo’n vaart zal het toch niet lopen?  

Bevalling begonnen. Of niet?

Woensdag 7 januari 2015. Het is 4 uur ’s nachts. Ik schrik wakker van iets geks. Het lijkt wel alsof ik in mijn broek plas. Ik stiefel de trap af richting toilet en eigenlijk gebeurt er verder niet zoveel. “Loos alarm.” denk ik. Onderweg naar boven loop ik nog wel even richting keuken om een plastic bakje mee naar boven te nemen voor het geval er toch vruchtwater opgevangen moet worden. Op het moment dat ik mijn bed in stap, voel ik iets knappen en verlies ik een enorme plens vocht. “Ries, volgens mij zijn mijn vliezen gebroken!” sis ik. Direct zit Richard overeind in zijn bed. “Haal handdoeken!” roep ik, terwijl ik nog zo helder ben eerst wat vruchtwater op te vangen en dan volgens de instructies plat op bed ga liggen. Ik pak de telefoon en bel het spoednummer van de verloskundige. Die hoort mijn verhaal aan en zegt dat ze er meteen aankomt.

Lekkage

Als de verloskundige een kwartiertje later binnenkomt treft zij het volgende aan: terwijl ik best rustig plat op bed lig, staat Richard in de keuken op de tafel met één van de weinige handdoeken die nog over zijn het plafond droog te deppen. Omdat het vruchtwater maar bleef lopen, was hij al een keer of 10 op mijn commando op en neer gerend naar de badkamer voor nieuwe handdoeken. Bij de laatste lading handdoeken die hij kwam brengen keek hij niet goed uit en trapte de maatbeker met vruchtwater om, die ik op de grond naast het bed had gezet. Aangezien wij in een oude woning wonen waarbij de planken vloer van de slaapkamer meteen het plafond van de keuken is, hoef ik niet uit te leggen waar de inhoud van de maatbeker terecht kwam.

Roze Crocs

Terwijl de verloskundige mij checkt kijkt ze ernstig. “Je vliezen zijn gebroken maar je kindje is niet ingedaald.” zegt ze. “Dat betekent dat je eigenlijk plat naar het ziekenhuis moet. Ik ga nu bellen en dan denk ik dat ik je zelf maar wegbreng. Blijf rustig liggen. Ik ben zo terug.” Terwijl ik in gedachten mijn vluchtkoffer naloop hoor ik beneden het volgende gesprek tussen de verloskundige en mijn man:

Verloskundige: “Eh, wat denk jij dat je gaat doen?”

Man: “Koffie zetten. Ik moet zo naar mijn werk.”

Verloskundige: “Nou, dat dacht ik niet jongen. De bevalling is begonnen. Je moet je spullen gaan pakken. Je wordt vandaag vader!”

Man: “Maar dat kan niet. Ik moet zo werken!”

Verloskundige: Lacht hard. “Ga je baas maar bellen jongen. Jij gaat zo met je vrouw mee naar het ziekenhuis.”

De verloskundige komt grinnikend de slaapkamer weer binnen. Terwijl ze me helpt om de laatste spullen bij elkaar te rapen en Richard instructies te geven neemt ze een beslissing voor me die mijn bevalling nog hysterischer maakt dan dat hij is begonnen. Ze helpt me met mijn broek aandoen, pakt mijn knalroze badjas van de stoel naast mijn bed en grijpt het meest afschuwelijke schoeisel dat ik in huis heb: ROZE CROCS. (Ter verdediging: ik woon buiten. Ik trek ze echt alleen maar aan naar de vuilniscontainer en terug het huis in.) En zo, volledig in het roze, schuifel ik voorzichtig de trap af, loop de dijk op voor ons huis richting auto en hoop maar dat niemand me heeft gezien.

In het ziekenhuis

Eenmaal in het ziekenhuis moeten we nog even wachten op Richard. De verloskundige had gezegd dat hij achter haar aan moest rijden maar blijkbaar vond ze dat we haast hadden en had ze niet op hem gewacht. Halverwege de rit belt Richard op omdat hij gewoon echt niet meer weet naar welk ziekenhuis we gaan. Dat we dit al meerdere keren besproken hebben vergeten we maar even. Voor bijna-vaders is het ook stressen geblazen. Eenmaal herenigd word ik in mijn roze outfit in een rolstoel gehesen en naar de kraamafdeling gereden, waar ik word gecheckt door een verloskundige van het ziekenhuis. Gelukkig doet de baby het prima, maar hij is nog steeds niet ingedaald en ik heb ook nog geen weeën.

Tanja

Bekkenproblemen

Ik heb als kind problemen met de stand van mijn bekken gehad en dit is tot op de dag van vandaag nog een zwakke plek. Ik heb hier vanaf het begin van de zwangerschap al op gewezen maar tot vandaag bleef het bij wat bekkenpijn. Als ik aangeef bij de verloskundige dat ik vermoed dat de baby niet door mijn bekken past, snauwt ze me toe: “Je doet nou net of je het niet zelf wilt proberen.” Maar als de gynaecoloog later komt kijken, geeft hij me gelukkig gelijk. Op basis van de metingen die gedaan zijn heb ik volgens hem zo’n 50 procent kans op een normale bevalling. Ik krijg de keuze: zelf proberen terwijl ze me goed monitoren of kiezen voor een keizersnede. Terwijl hij ons op de risico’s van beide opties wijst, kijken Richard en ik elkaar aan en snappen elkaars blik. Na vijf jaar hopen op een kindje en uiteindelijk een zwangerschap waarin ik 9 maanden lang bang was dat het alsnog fout zou gaan, willen we maar één ding: ons kindje in goede gezondheid vast kunnen houden. We kiezen zonder twijfelen voor de keizersnede.

De keizersnede

Terwijl we wachten op een seintje van de OK, hangt er een vrolijk gespannen sfeer. Het gaat gebeuren: na vijf jaar wachten gaan we eindelijk ouders worden. En als we klaar worden gemaakt voor de operatie (want dat is het), laat ik alles over me heen komen. De ruggenprik gaat gelukkig soepel en ik heb tijdens de ingreep alleen last van een dipje in mijn bloeddruk waardoor ik even misselijk ben. Als ze, naar mijn idee, nog maar net zijn begonnen hoor ik opeens een baby huilen en het stomme is dat ik eerst totaal niet besef dat dit het geluid van MIJN baby is. Pas als de gynaecoloog de huilende baby achter het groene doek vandaan omhoog tilt en ons feliciteert besef ik: dat is mijn zoon! Op 7 januari 2015, om 11.06 is daar onze zoon Mees. Kerngezond, 54 cm lang en 4200 gram.

Tanja

Hij is er!

Terwijl ik dichtgemaakt word, zit Richard naast me met Mees in zijn armen. Zodra het kan wordt hij op mijn borst gelegd en daar blijft hij liggen tot we weer op de kraamafdeling zijn. Ik voel me goed en lig te glunderen met een lach van oor tot oor. Richard vraagt zelfs aan de begeleidende verpleegkundige of ik “iets” toegediend heb gekregen. Alles is nieuw en eng maar toch overheerst het gevoel van een roze wolk. En hoewel ik bij ons tweede kindje ook een (geplande) keizersnede kreeg die prima verliep, miste ik een beetje de spanning van het onbekende. Mijn eerste bevalling zal en wil ik nooit vergeten. Ik gun zo’n fijne ervaring iedereen.

 

Kijken jullie ook zo terug op je bevalling of was het iets wat je liever vergeet? Ik ben benieuwd naar jullie reacties!

2 Comments on Van roze Crocs tot een lekkend plafond: een bijzondere bevalling

  1. Mijn bevalling… het duurde 13 uur. De ruggenprik liet veel te lang op zich wachten (die stellen ze zo lang mogelijk uit, weet ik zeker!!) en een strenge verpleegster in mijn kamer (wat een b*tch!!!!). Maar je kindje voor het eerst zien en vasthouden, dat was zo’n mooi moment. En ik was (ben nog steeds) zo trots op mijn lichaam dat die het allemaal maar ‘even’ gedaan heeft.

    Wat naar dat de vk jou niet geloofde. Gelukkig kreeg je steun van de gyn?

    • Leuk dat je reageert Kim! De verloskundige van het ziekenhuis was inderdaad niet zo vriendelijk maar mijn eigen verloskundige die mee was, was geweldig! Ze heeft echt enorm haar best voor me gedaan.

      Wat naar dat het zo lang duurde voor je een ruggenprik kreeg! Terecht dat je trots bent op je lichaam. Wij vrouwen doen dat maar mooi even!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *